Basisinkomen; alleen succesvol in een nieuwe economie

Een kunstenaar die nadacht over het basisinkomen, dan krijg je wat nieuws. Het was Pieter Kooistra die in de jaren 70/80 een plan schreef hiervoor. In deze blog lees je zijn ideeën en hoe je het basisinkomen kunt realiseren door te werken aan een nieuwe economie.

Simpel en revolutionair

Wat hij bedacht was simpel en revolutionair tegelijk. De huidige economie heeft als belangrijk uitgangspunt: kosten gaan voor de baat uit, oftewel eerst werken dan geld (loon) ontvangen. Vanuit dit principe is onze hele economie opgebouwd.
Maar je kunt óók zeggen: het is onze maatschappelijke plicht om goed voor elkaar én de natuur te zorgen. Dus, vroeg hij zich af, zou je niet een economie kunnen bedenken waar de rechten van de mens niet een sluitstuk zijn maar een uitgangspunt. Oftewel “Relaties gaan voor de baat uit”. Van daaruit begon hij de zaken om te draaien en kwam op de eerste gedachte: een basisinkomen voor alle mensen – wereldwijd.

5 voorwaarden om het basisinkomen mogelijk te maken

  1. Financiering niet met het geld uit de huidige (oude) economie gedaan moest worden, maar uit die nieuwe economie zelf met een eigen digitale munteenheid
  2. Het tweede belangrijk uitgangspunt was: Laat de huidige economie maar even voor wat het is. We zetten er ‘gewoon’ een geheel nieuwe economie naast, die als in een goed huwelijk wel aansluit op de huidige economie, maar waarbij de twee economieën hun eigenheid behouden.
  3. Een nieuwe vorm van maatschappelijke besluitvorming is nodig. Want wie beslist over al dit moois. We hebben daar wel iets anders dan politiek in zijn huidige vorm voor nodig. Politiek hoort bij de huidige ‘mannelijke’ economie. En bij het stemmen kan 51% de andere 49% negeren.
  4. Het vierde element is de relatie tussen consument en producent. Nu wordt via marktonderzoek onderzocht hoeveel van iets geproduceerd moet worden. Het resultaat kent u. Regelmatig worden producten op de markt gedumpt (vaak in derde wereld) met alle verstoringen van dien; en de economen maar denken dat “vraag en aanbod” het vanzelf regelt. De huidige economie is dus niet een evenwicht van vraag en aanbod maar: vraag en aanbod en weggooien. Waarom niet vooraf vraag en aanbod aan elkaar verbinden. Een abonnementsvorm is daar een voorbeeld van en Pieter Kooistra introduceerde eigenlijk met de Kunstuitleen, die hij in 1955 bedacht, deze gedachte in de kunst. Een ander voorbeeld is het groenteabonnement van Odin, dat aantoont dat je ook voedsel in abonnementsvorm kunt distribueren.
  5. Als vijfde aspect zouden we nog willen noemen de VN ofwel UNO. Pieter Kooistra had primair zijn plan opgehangen aan de mensenrechten. Om dit te organiseren zag hij een belangrijk rol weggelegd voor de VN. Uiteraard dan wel op een andere manier georganiseerd (sociocratisch) en met andere taken. In onze global village van de toekomst is het nodig om over landsgrenzen heen te denken en te organiseren en dat kan alleen met een goed opgezette VN.

Henry in gesprek met Patch Adams en stelde de vraag wat hij vond van een wereldbasisinkomen. Hij antwoordde: “All we need is a basic income of love”.

Kan dat eigenlijk wel? een nieuwe economie?

Ja maar . . . zult u misschien nog zeggen. Je kunt toch niet zomaar een nieuwe economie bedenken met een eigen puntensysteem. Op meer dan 5000 plaatsen over de hele wereld lopen proeven hiermee, veelal met zogenoemde LETS systemen. Een ander bekend voorbeeld is Curitiba in Brazilië waar de burgemeester al in de jaren 70 een puntensysteem voor afval en openbaar vervoer bedacht en dat nu tot een welvarende en goed functionerende stad in een ontwikkelingsland is gegroeid. En tegenwoordig de internetmogelijkheden met blockchain.

Bij de stichting Uno-Foundation beginnen we gewoon dicht bij huis. Het Veerhuis. De woonplaats van Pieter Kooistra, die hoopte dat die plek eens een broedplaats van nieuwe ideeën zou worden. Met zijn gedachtegoed als uitgangspunt hebben we bijzondere plannen ontwikkeld om van het Veerhuis een mooie plek te maken waar nieuwe gedachten samenkomen. Waar we zaken willen doen in liefde en vertrouwen en je niet meer failliet kunt gaan.

We zien het al voor ons…..

Het toekomstige journaal van 20.00 uur dat afsluit met: “De street-index in Amsterdam en New York is met 26 punten gestegen – dit als gevolg van een positieve stemming in de nieuwbouwwijken en musea. De Ecotrend Watchers Index (EWI) toont weer een opwaartse lijn na de terugval van vorige week. De health-index gaf een stabiel beeld te zien. Weliswaar is het aantal hartklachten beduidend gedaald, op gebied van de luchtwegen worden juist meer klachten gesignaleerd. Tenslotte de mobiliteitsindex. Deze vertoont een sterke groei van het aantal persoonlijke contacten via de internet-snelweg. Dit gaat gepaard met een evenredige daling van de verplaatsingen per auto, vooral tussen de grote steden. Tot zover het journaal”.

Was de Dow Jones index ook niet ooit een reflectie van een ideaal . . . . . . .

Hoe bouw je een nieuwe samenleving? Zeven ideeën uit de praktijk

Je zoek naar iets nieuws want zoals het nu gaat in de maatschappij kan het niet langer. Eigenlijk wil je alles in de maatschappij wel veranderen. Maar ja. Waar te beginnen? In en rondom het Veerhuis zijn we al begonnen met nieuwe initiatieven gericht op de nieuwe samenleving. Ik heb er zeven voor je op een rijtje gezet. Het goede nieuws? Je kunt direct meedoen!

1. Wordt een levenskunstenaar.

Je wil niet een standaard beroep kiezen, maar je eigen talent als startpunt nemen. Wil je misschien wel levenskunstenaar worden. Hoe je dat doet? Elk jaar start een nieuw academie jaar waar je dit kunt leren. Ontdekken wie je werkelijk bent en hoe je daarmee dan in het leven staat. Hoe je daarmee een eigen bedrijf opzet of je meest fantastische baan vindt.

2. Vormgeven aan het basisinkomen

In het Veerhuis woonde Pieter Kooistra die oprichter en bedenker van de kunstuitleen was. De laatste twintig jaar van zijn leven werkte hij aan een plan voor een nieuwe economie. Een wereldbasisinkomen in een nieuwe economie. Hij vond dat alleen basisinkomen niet voldoende was en geeft in zijn boeken een compleet nieuw beeld van hoe het er dan uit zou kunnen zien.

3. UNO-box, het bedrijfsplan voor de nieuwe economie

In het Veerhuis is het eerste 3D ondernemingsplan ter wereld ontstaan, de UNO-box. Met dit ondernemingsplan kun je met je ‘hart en hard’ een duurzaam fundament onder je organisatie leggen. Al meer dan 20 jaar geleden is het ontwikkeld en nu vindt het zijn weg naar buiten.

Voorbeeld: Voor het eerst in 2015 zijn we met een doos, de UNO-box genaamd, naar de Triodos gegaan voor een lening. En dat is gelukt. Inmiddels begint er vraag te ontstaan over hoe dat dan werkt. Het principe is eenvoudig. De UNO-box is een klein kunstwerk dat uitnodigt om binnen en buitenkant integraal in de planvorming uit te werken.  

4. Duurzame lokale economie met het Village Trade Center

De wereld heeft al een World Trade Center (WTC) met bijbehorende flitskapitaal. Met de internationale handel zit het daarmee wel “goed”. Maar hoe is het met de handel in het dorp. Vanuit het Veerhuis zijn we daarom gestart met het Village Trade Center (VTC) waarin het geld lokaal blijft. Producten uit het dorp en/of regio verkopen vanuit het Veerhuis waar met name in de zomer duizenden gasten langs komen.

Voorbeeld: De Betuwse Fruitmotor is ontstaan in het Veerhuis en hebben de start gevierd in het Veerhuis en nu verkopen zij volop de Krenkelaar Appelcider en Appelsprankel. Je zou kunnen zeggen de Betuwse champagne.

5. Deel, ruil en koopboeken

Er zijn al dozen vol boeken binnen gebracht om weg te geven. Dit terwijl de boekenstelling nog gebouwd moet worden en we nog een stukje financiering zoeken. Ja zo hard kan het gaan. In de winter willen we, als het wat rustiger is, een paar leuke leeshoekjes creëren om boeken te bekijken, te delen, te ruilen of te kopen. Kom gezellig langs.

6. Het DeelGenootschap als nieuwe organisatievorm

De afgelopen herfst is in samenwerking met de Damaris Matthijsen de nieuwste organisatievorm ontwikkeld, genaamd het DeelGenootschap. Dit is best revolutionair te noemen. Het is een vorm die helemaal past bij de nieuwe tijd en geen bestuur in de traditionele zin meer heeft. Het is een niet juridische vorm die toch ook wel aan de wettelijke eisen voldoet. Gaat dat wel werken? Hier wel. Nu andere organisaties deze vorm ook adopteren verzamelen we een rijke ervaring. Natuurlijk delen we die nieuwe ervaringen met je.

7. Een nieuwe samenleving start met een goed gesprek

Je loopt binnen in het Veerhuis en je denkt: Wat is dit voor een plek? Geen horeca, geen cafe, geen Bed & Breakfast, geen winkel en tegelijk is er alles ook weer wel. We hebben het de “Aanlegplaets” genoemd. Aanleggen voor een goed gesprek, de gezelligheid, het thuissfeer gevoel, Genieten van een kopje koffie of misschien ga je wel deelnemen aan één van de bijzondere workshops.

Tot slot

Met het Veerhuis willen we een broedplaets zijn voor de nieuwe samenleving. Een community waar je concreet aan kunt meewerken met als uitdagende gedacht: Het Veerhuis; voor een nieuwe economie wereldwijd.

Er is veel te veel geld in de wereld. Hoe breng je dat in balans?

Er is te veel geld in de wereld. Er circuleert ongeveer 33 keer zoveel geld op aarde als dat er goederen worden geproduceerd, gedistribueerd en geconsumeerd. Hoe brengen we de hoeveelheid geld en de hoeveelheid economische waarde in balans? In dit blog geef ik je een idee hoe ik dat zou oplossen.

te veel geld in handen van steeds minder mensen

Dat vele geld is in handen van weinig mensen. Die er vooral aandelen en grond van kopen. De aandelenkoersen en grondprijzen stijgen door de bank genomen voortdurend. Steeds meer geld komt in handen van steeds minder mensen. Zo doende ontstaat een steeds verder uit evenwicht situatie. Wat deze mensen de macht geeft om de productiemiddelen kapitaal, arbeid en grond in dienst te stellen van hun privé-doelen. En vergis je niet, voor zover we spaargeld op de bank hebben staan, een pensioen opbouwen, verzekeringspremies betalen, doen wij net zo hard mee met het wat mij betreft oneigenlijk gebruik van kapitaal, arbeid en grond voor onze privé-doeleinden. Consequenties? Het vergroot de kloof tussen rijkdom en armoede en vernietigt cultuur, mensen en stukken aarde.

Zouden we in goed onderling overleg productie op consumptie afstemmen, dan zouden alle 7.000.000.0000 mensen gedurende vier dagen in de week slechts één uur per dag hoeven te werken om dezelfde hoeveelheid economische waarde te creëren als we nu ook al produceren. Vanuit liefde & vertrouwen kunnen we gezamenlijk gemakkelijk in alle materiële behoeften van alle mensen voorzien. Aangezien kinderen onder de achttien en ouderen boven de 65 wat mij betreft niet hoeven te werken, kan een kwart van de wereldbevolking gedurende vier dagen per week met vier uur werk ook in alle materiële behoeften voorzien. Het is een kwestie van in goed onderling overleg onze capaciteiten op elkaar afstemmen én de gezamenlijk geproduceerde maatschappelijke koek verdelen.

geen angst

In die zin ben ik ook niet bang dat de hele samenleving zal instorten als banken omvallen, de pensioengelden op zijn of andere financiële rampen. Ja, de samenleving zoals we die nu met elkaar vormen, stort in. Of vormt zich om. Of we maken van de samenleving steeds meer één grote machine waaruit steeds meer mensen uitvallen die weigeren om er een radertje in te zijn. Het doet er wat mij betreft niet toe hoe de huidige samenleving zich precies verder ontwikkelt, steeds meer mensen zullen gewoon in de onderstroom werken aan een nieuwe economie en een nieuwe samenleving.

Op grond van vertrouwen in de menselijke creativiteit. En liefde voor de mens in het algemeen. En op grond van de gemeenschappelijke intentie om een mens- en aarde-waardige samenleving te creëren. Al doende.

Je ziet het gebeuren in de onderstroom van failliete landen als Griekenland en Spanje en in de onderstroom van de failliete staat Californië van Amerika. Als mensen zitten we er samen in. We zullen er ook samen uitkomen.

Hoe?

vanuit liefde voor de mens en die ene hele aarde

Door ons (liefdevol) te verdiepen in onszelf. Door te ontdekken wie we zijn, wat we kunnen en wat we willen. Door dat niet door iets of iemand anders te laten bepalen. Door onze eigen ruimte in te nemen en ruimte te scheppen voor anderen om dat ook te doen. Door moed te ontwikkelen om wie we zijn, wat we kunnen en wat we willen uit te drukken en in dienst te stellen van het geheel. En erop te vertrouwen dat het geheel groot genoeg is voor iedereen.

Alleen al het fantaseren over het liefdevolle ontplooien van onze capaciteiten en die in dienst stellen van het geheel en erop te vertrouwen dat het geheel voorziet in onze behoeften, werkt gezondmakend op dat ene wereldwijde geldsysteem, op die ene wereldwijde economie. Want we maken er allemaal denkend en handelend deel van uit. Dus wat een ieder van ons denkt en doet, dat doet er toe. Denken en handelen we vanuit liefde en vertrouwen, dan vormt onze samenleving zich om tot een samenleving gegrond in liefde en vertrouwen; denken en handelen we vanuit angst en controle dan ontwikkelt onze samenleving zich verder op grond van angst en controle.

Ik houd van de mens. En ik ben een mens, dus ik houd van mij. En ik vertrouw op mijn oneindige fantasie en creativiteit om begrippen en ideeën te scheppen op grond waarvan ik een aarde- en menswaardige economie en samenleving co-creëer. En er is meer dan genoeg geld in de wereld.

De gouden regel om je droom eenvoudig werkelijkheid te maken

Heb je dat wel eens? Je hebt een droom en denkt: “Kan dat eigenlijk wel? Is het niet te utopisch? Met een gouden regel in gedachte ging ik aan de slag. Een regel die zegt: “Hou je droom vast en laat tijd en pad en resultaat los”. Hoe ik dat heb gedaan? Ik vertel je er graag over in dit blog.

Waar gaat mijn droom dan over?

Mijn droom begon in 1963 met de moord op President John F. Kennedy. Ik was toen een jochie van 10 jaar. Het besef ontstond toen dat er maar één weg is voor ons mensen op deze aarde: ‘wij moeten vrede sluiten met elkaar’.  Maar ja, hoe bereik je vrede?

Het geven van veel spreekbeurten op school gaf mij het inzicht waar het om ging en waar ik het kon zoeken.  Ik ontdekte dat om in vrede met elkaar  te leven het van belang is dat wij mensen leren hoe vanuit een besef van eenheid met elkaar om te gaan.

Vertaald naar het bedrijfsleven dacht ik: ‘als nu eens alle bedrijven het idee van concurrentie, van strijd, loslaten. Zijn we er dan? Ik onderzocht dit idee. Eerst spelenderwijs met stalletjes langs de weg, later met een studie aan Nyenrode en functies in het bedrijfsleven. Kun je vreedzaam zakendoen of gaat dit ten koste van succes? Ik waagde de stap.

Vrede kan ook met zaken doen

Mij ging het implementeren van de waarden van de nieuwe economie, in een bestaand bedrijf, te langzaam. Ik nam in 1990 ontslag en begon zelf bedrijven op te zetten. Ik wilde in praktijk te brengen waar ik voor stond: organisaties opzetten die vanuit de gedachte van eenheid, van heelheid succesvol zakendoen. Ik wilde het pad opgaan waarbij ik vanuit de bron vrede en liefde kan leven en werken. Het eerste initatief werd al snel geboren. Er volgenden er meer:

  • De UNO-box was in 1993 namelijk mijn antwoord op het verzoek van de kunstenaar Pieter Kooistra om een 3D-bedrijfsplan te maken voor zijn kunst activieiten met eenheid als uitgangspunt. Nu 25 Jaar na dato en enige experimenten verder vindt dit concept haar weg naar de zakelijke wereld.
  • Vanuit dit denken nam ik het initiatief voor de eerste professionele wereldwinkel in Nederland.
  • Hetzelfde jaar nog legde ik ook de kiem voor het eerste deelautobedrijf MyWheels. Inmiddels een succesvolle onderneming met 2.500 deelauto’s.

Mijn droom is jouw droom

Het besef groeide dat mijn droom ook jouw droom is. Het klinkt in eerste instantie mogelijk wat aanmatigend; doch bezien vanuit eenheid kan het niet anders. Vanuit die gedachte ben ik in 2013 aan een nieuwe ontdekkingstocht begonnen: ‘Het Veerhuis’ in Varik. In het Veerhuis komen mensen samen die in een nieuwe organisatievorm die we ‘DeelGenootschap’ noemen, elkaar inspireren om nieuwe economie-bedrijven tot bloei te brengen.

Het gaat daarbij bijvoorbeeld om sociale en circulaire onderneming. Door lezingen te geven over de UNO-box en waar zij voor staat, ontmoet(te) ik veel zakenmensen, ook internationale, die enthousiast reageerden. Een grote stimulans natuurlijk om door te zetten met de verwezenlijking van mijn droom.

De weg naar een nieuwe samenleving en economie

Hoe mooi zou het zijn als wij allen in vrede zouden leven, iedereen rijk is en de natuur als nooit tevoren bloeit en groeit? Of, zoals Rob de Nijs zingt (Psalm 150): “Laat alles wat ademt in vrede bestaan”.  Het kan. We kunnen dit echter alleen bereiken als we het SAMEN doen. Goethe zei ooit: “Een enkeling kan iets doen. Slechts als velen zich op het gunstige moment verenigen, zijn zij krachtig.”

Met de veerpont van het Veerhuis gaan we naar de oever van de nieuwe economie. Hiermee dragen wij  (inter)nationaal  bij aan het neerzetten van de nieuwe standaard voor zakendoen. Dat is mijn droom en ik ga hem waarmaken! Doe je mee?

Hoe overleef ik mijn nieuwe economie initiatief? 5 eenvoudige ideeen

Ken je dat, dat je een idee wilt realiseren en je afvraagt hoe je daar de juiste mensen bij betrekt? Of dat je al flink op weg bent maar ontdekt dat iedereen er eigenlijk zijn eigen ding mee doet? Een nieuwe economie initiatief nemen is niet makkelijk, sterker nog, dat is samenlevingskunst. En het maakt het nog moeilijker omdat je vaak een initiatief neemt uit een gevoelde noodzaak en helemaal niet omdat je daar nu precies voor opgeleid bent of zo goed in bent. Zo hoe overleef je je eigen nieuwe economie initiatief. In dit blog bied ik je 5 ideeën om je initiatief op een natuurlijke manier levend te houden. 

Hoe zit het eigenlijk?

Veel mensen rollen als het ware door de gevoelde noodzaak en de eigen actiebereidheid onvoorbereid in een initiatief. Ineens word je verondersteld een ondernemer te zijn die te maken krijgt met mensen en vereffening van diensten, vinden van financiering, organisatie en besluitvormingsvraagstukken, wie beslist waarover en waarom? Je dacht een probleem op te lossen en voor je het weet zit je in allemaal relationeel gedoe en krijg je het gevoel veel te weinig tijd aan ‘ de zaak’ te kunnen besteden. Je wordt uitgedaagd om een snelle leercurve te doorstaan. Fijn als je dan weet dat mensen je voorgegaan zijn zodat je niet in alle bekende sloten tegelijk hoeft te lopen.

Vijf problemen die je als initiatiefnemer tegenkomt:

  1. Ik verlies het idee of hou juist rigide vast aan mijn idee
  2. Ze kijken allemaal naar mij, ze willen mij helpen
  3. Ik offer alles voor mijn ideaal op en eis dit ook van anderen
  4. Ik wil impact maken en snel groeien
  5. Welke (financiële) ruimte heb ik voor het nemen van dit initiatief?

1 & 2. Idee verliezen / rigide vasthouden | Help, ze kijken allemaal naar mij

Te veel samen ….

Veel nieuwe initiatieven in deze tijd gaan over het duurzamer en socialer maken van de samenleving. Mensen voelen de nood van de andere mens en van de natuur en komen in actie. Vanuit deze verbinding met het andere ontstaat een idee. De neiging bestaat om als initiatiefnemer te denken dat de ander je meteen begrijpt. Jij ziet het, dan ziet de ander dat toch ook? Voor jou is wat je doet zo logisch en zo nodig. Je neemt dit initiatief immers in het licht van het geheel, ten behoeve van de ander en daarmee is het voor een initiatiefnemer moeilijk te begrijpen dat je iets ziet wat een ander – nog niet – direct ook zo ziet. Vanuit dit besef kan je als initiatiefnemer echter de neiging hebben je initiatief te vroeg te delen en zelfs los te laten aan een groep enthousiaste mensen om je heen die echter vooral op jou zijn aangehaakt terwijl jij er van uit gaat dat zij al op jouw idee zijn aangehaakt. En je wilt het graag samen doen, zonder de ander kan het immers nooit echt groeien en op aarde komen.

Eigenaarschap nemen (gezond vrij)

En dan… oh jee. Mensen blijken er hun eigen ding mee te gaan doen en dan denk jij help, dat was niet de bedoeling. Voor je het weet trek je het hele initiatief weer hardhandig naar je toe. Of je laat het uit frustratie los of nog iets er tussenin. Hoe dan ook beland je gemakkelijk in gedoe en dat is jammer want dat is te voorkomen. Wat je hiermee immers ontkent is een wetmatigheid die zich voordoet bij het nemen van een initiatief. Jij ziet iets, jij staat op, jij wilt iets. Je hebt als het ware die plek in te nemen, voorbereid of niet. De essentie van het idee zal eerst via jou tot verschijning komen. Deze eerste ‘eigenaarschapspositie’ valt je als het ware toe, of je nu wilt of niet.

Het tegenovergestelde is natuurlijk ook aan de orde. Dat je als initiatiefnemer de neiging kunt hebben het veel te lang en te strak bij je te houden en daarin heel rigide vasthoudt aan  jouw eigen voorstelling van hoe het idee in de praktijk vorm moet krijgen. Dan kunnen te weinig mensen zich verbinden met je idee en bloed het al snel dood. Zonder mensen die aansluiting vinden, is je idee niet levensvatbaar.

Tja, die valse bescheidenheid

Ik heb zelf veel aan de metafoor van de boom. Om tot boom te worden zal het zaadje eerst in de aarde wortel moeten schieten. Klein, beschut, nog zonder licht van buiten, met de juiste voeding. Langzaam rijpt het en komt het boven de grond. Zo is het ook met een idee. Als je het nooit deelt zal het nog voor het licht ziet al verrotten in de aarde. Maar te vroeg loslaten kan ook niet. Als initiatiefnemer ben je geestelijk moeder of vader van het idee en zal je dit idee moeten vasthouden en de verantwoordelijkheid die daarmee komt kijken moeten dragen. Bescheidenheid is een veel voorkomend fenomeen maar ongepast. Bescheidenheid op deze plek brengt chaos en verwarring en uiteindelijk schade aan de relatie. Bescheidenheid zorgt ervoor dat je het zaadje onvoldoende toerust om de invloed van derden aan te kunnen. En uiteindelijk als je merkt dat iedereen er zijn eigen ding mee aan het doen is, dat het idee alle kanten op gaat, dan ga je er alsnog als een leeuwin voor vechten en haal je het weer bij jezelf terug. Mensen kunnen dan denken: “wat is dit nu.. ik dacht dat ik me ermee mocht verbinden maar als de puntjes bij de paaltjes komen dan gaat zij / hij er toch weer over.

Als je het idee niet eerst voldoende bij je houdt kan je het later niet voldoende delen en kan het onvoldoende groeien.

Ze helpen alleen mij …

van verbinden met jou naar verbinden met de bron/het midden

Er ligt nog een gevaar op de loer. Als initiatiefnemer heb je de taak om dat wat in jouw hoofd zit neer te schrijven, uit te werken en zichtbaar te maken voor meer mensen. Bescheidenheid kan ervoor zorgen dat je je initiatief onvoldoende expliciet maakt waardoor zaken zich alleen maar in jouw hoofd blijven afspelen. Dat maakt dat mensen zich alleen met jou als initiatiefnemer kunnen verbinden. En dan krijg je het veel gehoorde probleem; mensen helpen mij, niet het initiatief.

Als je je eigen plek inneemt, vol het rechtmatige eerste eigenaarschap neemt, je hier niet voor schaamt, je eigen grootsheid hierin draagt en jouw idee tot zo ver als jij kunt expliciet maakt en daarmee deelbaar maakt, is dit geen vraagstuk meer. Dan ben je in de eerste fase van je initiatief juist blij dat mensen jou in deze fase helpen om jouw initiatief zo helder mogelijk geformuleerd te krijgen en dat ze je helpen met de eerste realisatiestapjes. Daarmee wordt helder waar jouw initiatief precies over gaat en kan zij langzaam volgers krijgen.

Mensen die zich nu op de bron / het idee richten en zich daar rechtstreeks mee verbinden. Eerst nog via jou en steeds vaker ook zonder jou. Maar dan ben je al een heel eind verder. Pas wanneer het initiatief in het midden van de gemeenschap komt te liggen, kan het voorbij jezelf groeien. Dan zal je merken dat steeds meer mensen de verbinding kunnen maken met de bron en dat jij je als initiatiefnemer langzaam onderdeel zal gaan voelen van het geheel. Met jouw specifieke talenten waarmee jij je eigen initiatief groot zal willen maken, net zoals de anderen dat zullen doen.

Tip: maak jouw initiatief expliciet en ga daarvoor staan. Laat je in het begin helpen. Pas dan kan het idee langzaam in het midden komen te liggen en is je idee het middelpunt, jij niet meer.

Valse bescheidenheid schept chaos en verwarring

Valse bescheidenheid schept verwarring en chaos. Bovendien zorg je er daarmee voor dat mensen zich alleen maar tot jou kunnen verhouden en zich niet zelfstandig op het initiatief kunnen aansluiten. Pijnlijk want dat wilde je nu juist voorkomen. Klinkt als een paradox? Probeer het maar… ik hoor graag of het voor jou ook zo werkt. Heb je een vraag of wil je een ervaring delen?

Jouw bijdrage aan een nieuwe economie

Heb je ook het gevoel dat iets in de economie niet klopt? Dat je denkt, het is te moeilijk voor mij? En al begreep ik het, ik kan er toch niets aan doen? Laat je niet gek maken. Vertrouw op je eigen gevoel en intuïtie. Want de zogenoemde deskundigen weten het ook niet. Wisten ze het wel, dan zag de wereld er anders uit. Ik zeg je, iedereen kan de economie begrijpen. En er ook wat aan doen. Hoe?

wat eet ik eigenlijk?

Als student Tropische Cultuurtechniek in Wageningen begreep ik niets van wat de hooggeleerde economen voor de collegezaal zeiden. Hoewel ik daardoor behoorlijk ging twijfelen aan mijn eigen gezonde verstand en gevoel, liet ik me toch niet helemaal gek maken door hun moeilijke taal en abstracte ideeën. Terwijl ik in de collegezaal begrippen probeerde te vatten als prijselasticiteitvarkenscyclus en hyperinflatie, onderzocht ik thuis de oorsprong van de spullen die ik had, de kleren die ik droeg en het voedsel dat ik at. Want economie gaat over goederen die voorzien in mijn materiële behoeften. Toch?

Later ontwikkelde ik de zogenoemde ontbijt-oefening, een mooie ingang voor iedereen om een concrete voorstelling te vormen van wat economie eigenlijk is.

Als student ontbeet ik de ene keer muesli met wat fruit en melk of yoghurt, de andere keer boterhammen met kaas, jam en hagelslag, een glas sinaasappelsap en een kop koffie. En op zondag croissants, een gekookt eitje en cappuccino.

Wat ik ook at, eerst onderscheidde ik de ingrediënten. Nee niet abstract in de vorm van koolhydraten, vetten en eiwitten, maar concreet: verschillende soorten graan, zuivel, fruit, suiker, chocola en koffie.

in welke landschappen wordt het eten geproduceerd?

Vervolgens stelde ik me zo beeldend mogelijk de landschappen voor waarin deze ingrediënten werden geproduceerd. Wuivende graanvelden in Nederland, de Oekraïne of de Verenigde Staten van Amerika. Kuddes zwart- of rood-bonte koeien in stallen en weide-landschappen in Nederland, die behalve sappig groen gras krachtvoer kregen met onder andere soja uit Brazilië, maïs uit Nederland en melasse, een bijproduct van suiker. Dat laatste deed me dan weer denken aan de walmende suikerfabrieken in Roosendaal, Breda of Stampersgat. Verder zag ik fruitbomen in bloesem op de Betuwe, bananenplantages in de zinderende zon in Nicaragua en kassen vol aardbeien in de woestijn van Israël of Egypte. Ook stelde ik me cacaobomen voor op de Ivoorkust of Ghana, Papoea-Nieuw-Guinea, Ecuador of de Dominicaanse Republiek. En tenslotte zag ik de koffieplanten in Vietnam, Ethiopië of Guatemala.

welke mensen dragen concreet bij aan mijn ontbijt?

Tenslotte stelde ik me zo beeldend mogelijk voor alle mensen die in die landschappen voor mij werkten. In de jaren tachtig waren er nauwelijks computers laat staan internet. Ik moest dus mijn fantasie gebruiken. Verder kon je me vaak in de bibliotheek vinden zowel de universiteits- als de openbare. Het liefst bladerde ik in “Wist je dat….”-boeken voor kinderen met veel plaatjes. Die gaven een goed beeld, weliswaar romantisch, van landschappen waarin cacaobomen groeiden, handen die cacaobonen plukten en de verwerking van cacaoboon tot chocoladereep.

Ik zocht naar foto’s van de hoofden van de vrouwen die de manden vol koffiebonen droegen en de buiken in vieze hemden van vrachtwagenchauffeurs die bananen in oude trucks naar de havens reden. Ik las een verhaal over het uniform van de kapitein van het schip dat de soja van Zuid-Amerika naar Europa voer, inclusief de hand van het kind in Bangladesh dat de glimmende knopen op de pet van de kapitein naaide.

iedereen maakt deel uit van één wereldwijde economie

Behalve mijn ontbijt, onderzocht ik zo ook de oorsprong van mijn kleren en verder van alle spullen die ik had. Totdat ik maar naar een product hoefde te kijken om alle handen in al die landschappen te zien waarin het tot stand kwam. En ik voor mijn innerlijk oog de wielen zag draaien van de verschillende vrachtwagens over de eindeloze wegen, die de grondstoffen, halfproducten en eindproducten transporteerden. Om nog maar niet te praten over de mannen met helmen op die op grote machines die wegen aanlegden of die op hun knieën stenen legden. Ook zag ik de olieraffinaderijen roken waar de brandstoffen werden geraffineerd die al die voertuigen voortdreven.

En ik begreep dat alle mensen in de hele wereld ervoor zorgen dat ik in mijn levensbehoeften wordt voorzien. Want alles wat ik eet, alles waarin ik mij kleed, alles wat ik heb, maken anderen voor mij. Ik maak deel uit van één wereldwijde economie.

Die gedachte vervulde mij met dankbaarheid, want ik word gedragen door alle mensen op deze ene hele aarde.

Tegelijkertijd voelde ik boosheid en verdriet. Omdat wij mensen, deel uitmakend van één wereldwijde economie, tot nu toe niet in staat zijn om de economie zo te organiseren dat iedereen in zijn/haar levensonderhoud wordt voorzien.

de wanhoop van de docenten

Tijdens de colleges dreef ik de docenten tot wanhoop met mijn vragen. Waarom wordt een steeds kleiner deel van de mensheid steeds rijker en een steeds groter deel steeds armer? Waarom kunnen wij mensen met alle communicatiemiddelen die wij tot onze beschikking hebben, de gezamenlijk geproduceerde koek niet gewoon eerlijk onder elkaar verdelen? Van wie was überhaupt het onzinnige idee dat het algemene welzijn het best gebaat zou zijn bij een onderlinge concurrentiestrijd om zoveel mogelijk bezit?

De docenten en ik leefden in verschillende werelden, zij in hun abstracte ideeën en ik in de beelden van de mensen die werkten in de landschappen waar alles wat ik had, droeg en at werden geproduceerd. Wilde ik begrippen als prijselasticiteit, varkenscyclus en hyperinflatie nog wel begrijpen?

Nee, ik wilde een concrete bijdrage leveren aan een aarde- en menswaardige economie, ik zocht naar een punt waar ik aan kon zetten. Zonder het me te realiseren, was ik al begonnen met het omvormen van de economie. Simpel, door mijn voorstellingsvermogen te gebruiken. En m’n gezonde gevoel.

Ook leren hoe je je weg kunt vinden in de nieuwe economie?

Inmiddels vormt dit ervaringsgerichte waarnemen, denken en voelen de grondslag voor de Leergang Samenlevingskunst. En ook van de cursus van Vóór Christus tot ná Crowdfunding, over je relatie met geld. Want ik geloof dat mensen, alle mensen, op grond van doorleefde en doorvoelde voorstellingen van wat economie eigenlijk is, creatief worden en moed vinden om hun specifieke bijdragen te leveren aan de nieuwe economie en samenleving. Niet door moeite te doen om abstracte theorieën van politici en wetenschappers te begrijpen, maar door hun fantasie en voorstellingsvermogen te gebruiken om concrete ideeën te ontwikkelen van wat zij in concrete situaties kunnen doen. En als je dan ook nog eens deel uitmaakt van een werkplaats van mensen die elkaar helpen om deze ideeën sociaal vernieuwend te realiseren, dan draag je echt bij aan het menselijker worden van die ene wereldwijde economie.

Of wat denk jij?